Waarom krijgt mijn lepelplant Spathiphyllum bruine bladpunten en hoe kun je dit oplossen

Waarom krijgt mijn lepelplant Spathiphyllum bruine bladpunten en hoe kun je dit oplossen

Waarom krijgt je lepelplant bruine bladpunten

Een lepelplant, of Spathiphyllum, staat bekend als een makkelijke kamerplant, maar bruine bladpunten komen vaak voor. Dit is meestal een stresssignaal van de plant. Door goed te kijken naar water, luchtvochtigheid, standplaats en voeding kun je de oorzaak achterhalen en gericht oplossen.

Te veel of te weinig water

De meest voorkomende reden voor bruine bladpunten bij een lepelplant is verkeerd watergeven. Bij te weinig water drogen de bladpunten uit en worden ze donkerbruin en knisperig. Bij te veel water worden de punten bruin en slap en kunnen de wortels gaan rotten. Controleer altijd de potgrond met je vinger. De bovenste paar centimeter mogen licht opdrogen, maar dieper in de pot moet de grond nog vochtig aanvoelen. Geef liever regelmatig kleine beetjes dan af en toe heel veel.

Kalkrijk of koud leidingwater

Lepelplanten zijn gevoelig voor kalk en koude temperatuurschommelingen. Hard, kalkrijk leidingwater kan bruine randen en punten veroorzaken, vooral als je al langere tijd hetzelfde water gebruikt. Gebruik bij voorkeur afgekoeld gekookt water, gefilterd water of regenwater op kamertemperatuur. Laat kraanwater minstens een paar uur op temperatuur komen voordat je het geeft, zeker in de winter.

Invloed van luchtvochtigheid en standplaats

De Spathiphyllum komt van nature uit tropische regenwouden waar de luchtvochtigheid hoog is en het licht gefilterd wordt door het bladerdak. In een gemiddeld Nederlands huis is de lucht vaak veel droger, vooral in de winter als de verwarming aanstaat.

Te droge lucht in huis

Droge lucht zorgt ervoor dat de bladpunten sneller uitdrogen en bruin worden. Dit zie je extra snel bij dunnere, nieuwe bladeren. Zet de lepelplant niet direct naast een verwarming of open haard. Je kunt de luchtvochtigheid rondom de plant verhogen door een schaaltje water in de buurt te zetten of meerdere planten samen te groeperen. Af en toe licht sproeien met lauw, zacht water kan ook helpen, maar maak de bladeren niet constant kletsnat om schimmel te voorkomen.

Te veel of juist te weinig licht

Een lepelplant houdt van veel indirect licht, maar geen felle, directe zon. In de volle zon verbranden de bladeren, wat kan leiden tot droge, bruine plekken en punten. Staat de plant juist te donker, dan groeit hij slungelig, maakt minder bloemen aan en verzwakt, waardoor bruine bladpunten sneller ontstaan. Een plek op een paar meter van een raam op het oosten of westen is meestal ideaal. Draai de pot af en toe zodat alle kanten evenveel licht krijgen.

Voeding, potgrond en verzorging

Naast water en licht spelen voeding en de kwaliteit van de potgrond een grote rol bij het voorkomen van bruine bladpunten.

Te veel voeding of uitgeputte potgrond

Overbemesting is een onderschat probleem. Te veel voeding verbrandt de wortels en kan bruine randen en punten veroorzaken. Gebruik alleen vloeibare kamerplantenvoeding in een lage dosering en alleen tijdens de groeiperiode. Minder is beter dan meer. Geef nooit voeding aan een sterk uitgedroogde plant, maar altijd op licht vochtige grond. Is de potgrond al jaren oud, dan kan deze arm aan voedingsstoffen en dichtgeslagen zijn. Verpot de lepelplant dan in verse, luchtige kamerplanten- of speciale groeneplantenpotgrond.

Wanneer en hoe je bruine punten mag wegsnoeien

Bruine bladpunten herstellen niet meer. Je kunt ze echter wel voorzichtig wegknippen om de plant er frisser uit te laten zien. Gebruik een scherpe, schone schaar en volg de natuurlijke lijn van het blad, zodat de vorm zo mooi mogelijk blijft. Is een blad voor meer dan de helft bruin, knip het dan bij de basis weg. Dit stimuleert de plant om nieuwe, gezonde bladeren te maken. Combineer het snoeien altijd met het aanpakken van de onderliggende oorzaak, zodat het probleem niet terugkeert.